Overslaan naar inhoud

Herbenoeming College van Bestuur ROC Midden Nederland

15 januari 2026

Amersfoort, donderdag 15 januari 2026 

De Raad van Toezicht (RvT) van ROC Midden Nederland is verheugd te kunnen melden dat de benoemingen van Johan Spronk en Michel Labij, resp. voorzitter en lid van het College van Bestuur (CvB) van ROC Midden Nederland, worden omgezet naar een benoeming voor onbepaalde tijd. ROC Midden Nederland is in Amersfoort lid van Content Amersfoort en een gewaardeerde samenwerkingspartner. 

Het blijft een continu belangrijk streven onderwijs en arbeidsmarkt dichterbij elkaar te brengen, én te houden. Mede daarom zijn Karim Bashandy, Elmer Smith en Assunta Verschuren actief in het bedrijvennetwerk van Content.

'Spil in de regio'
Steven P.M. de Waal, PhD, voorzitter van de RvT: ‘ROC Midden Nederland is de spil in deze regio, dé plek waar de makers van de samenleving – zoals wij onze studenten noemen- worden opgeleid. Met deze benoeming voor onbepaalde tijd is de continuïteit van het bestuur geborgd. Een bestuur dat de afgelopen jaren voortvarend resultaat heeft geboekt op de koers en in grote verbinding staat met studenten, medewerkers, (maatschappelijke) partners en leer-/stagebedrijven. Ze hebben gedegen ervaring met de grote ontwikkelingen in de sector, zoals een Leven Lang Ontwikkelen en aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt. Kortom, een bestuur dat een solide basis vormt om leiding te geven aan de uitdagingen van een grootstedelijk ROC dat kansen biedt aan iedereen. Tenslotte liepen de benoemingen van beide leden van het CvB tegelijkertijd af. Voor de RvT een belangrijke aanleiding om juist nu in te zetten op voortgang. Beide CvB-leden hebben positief gereageerd op hun benoeming voor onbepaalde tijd.’

Ook de Centrale Studentenraad en de Ondernemingsraad van ROC Midden Nederland hebben positief geadviseerd op de benoeming voor onbepaalde tijd van het College van Bestuur. 

Roel Jansen (OR) en Niek W. (CSR): ‘De OR en CSR ervaren breed draagvlak in de organisatie voor deze bestuurders en zullen kritisch blijven op onderwerpen die daarom vragen en feedback geven wanneer nodig.’